Doorzoek Snesi Roots

ORAL HISTORY PROJECT

Pas op mijn 88ste verjaardag kreeg ik contact met mijn Chinese familie

Familiegesprekken

“Tot mijn 88ste verjaardag heb ik nooit contact gehad met de familie van mijn Chinese opa.”

In 2002 schreef Nathaly Pengel-Wong het verhaal De zwarte Chinees. Het begint zo:

Mijn man en ik waren op Schiphol aangekomen. Zoals altijd was het weerzien met de familie overweldigend. Op weg naar Den Haag kroop mijn kleindochter bij mij op schoot. Met haar grote donkere ogen keek zij mij doordringend aan. Plotseling pakte zij mijn arm vast, legde haar armpje ertegenaan en zei: ‘Jij bent zwart, hè?’

Verrast door de vraag knikte ik bevestigend. De kleurbarrière was overbrugd. Haar witte vader keek verlegen om. Van schrik bekomen zei ik daarna: ‘Ja, oma is een zwarte Chinees.’ De kleine schoot in de lach en riep: ‘Gekkie! Zwarte Chinezen bestaan niet!’

Voor haar kleindochter en omdat ze vaker uit moest leggen, dat zwarte Chinezen bestaan, schreef ze De zwarte Chinees. Op 9 april 2026 interviewden we de 92-jarige mevrouw Nathaly Pengel-Wong voor het Oral History-project van Snesi Roots.

Het eerste wat zij vertelde, is: ‘Pas sinds mijn 88ste verjaardag weet ik meer over mijn Chinese afkomst. Ik kreeg toen van mijn vriendin Usha Marhé mijn stamboom cadeau die zij voor mij uitgezocht had.’

Voorouders

Mijn moeder Hilda Wong is de dochter van Susanna Zwakke en Alfred Wong. Haar ouders stierven toen ze nog klein was. Daarom is ze opgevoed door de zus van haar moeder: Juliana Wilhelmina Sara Zwakke. Zij werd Moesje genoemd.

Van de notaris had Moesje gehoord, dat de Chinezen het kind, mijn moeder Hilda, zouden meenemen naar China voor een Chinese opvoeding. Daarom gaf hij het advies aan Moesje, om te zeggen dat het kind overleden was. En zo geschiedde. Hierdoor heb ik tot mijn 88ste geen contact met de familie van mijn opa Alfred Wong gehad en heb ik pas daarna kennis met hen gemaakt.

Nathaly Pengel-Wong in haar woonkamer

Alfred Wong, mijn grootvader, is de zoon van Wong-Pang -Own en Ellen Elliot. Alfred is ca 1877 geboren in Demerara, Brits Guyana en hij overleed op 30 juli 1919 in Paramaribo. Zijn vader is op 5 mei 1858 geboren in Kanton (Guangdong), China en hij overleed op 25 februari 1924 in Paramaribo. De moeder van mijn opa, Ellen Elliott, was 57 jaar toen ze op 4 juni 1919 in Paramaribo overleed. Zij is in Demerara geboren en dat zal ongeveer in 1856 zijn geweest.

Deze familiegeschiedenis laat een aantal aspecten zien van de migratiegeschiedenis van Chinese Surinamers. Ten eerste kwamen de migranten niet allemaal rechtstreeks uit China. Er zijn verschillende routes die zij volgden, bijvoorbeeld via Amerika, het Caribische gebied, Demerara en Frans Guyana.

Een tweede aspect is de creolisering van Chinezen. Chinese mannen vertrokken alleen uit China en stichtten in de landen waar ze naartoe gingen (nieuwe) gezinnen met ‘binnenlandse vrouwen’/ vrouwen van andere bevolkingsgroepen.

Nathaly Pengel-Wong zittend met een tablet op schoot

Chinese gemeenschap in haar jeugd

Hoewel mevrouw Pengel-Wong niet in een Chinese familie is grootgebracht, weet ze veel wetenswaardigheden binnen de Chinese gemeenschap. Ze herinnert zich het volgende:

  • Chinezen zonden hun kinderen naar katholieke scholen. Voordat ze naar school gingen, moesten ze in de winkel helpen. Na de reguliere school bezochten ze ook dagelijks de Chinese school. Zij leerden en mochten Chinees spreken in tegenstelling tot Afro-Surinaamse kinderen; zij mochten noch op school noch thuis Sranantongo spreken.
  • Chinezen hadden een eigen EBG-kerk in het Jeugdcentrum.

Wat bleef hangen van dit gesprek is, dat in de jeugd van mevrouw Pengel-Wong er allerlei contacten waren tussen de verschillende bevolkingsgroepen.